Overslaan naar inhoud

Dit is misschien wel mijn land

20 oktober 2026 in
Jan van Herp
[Verse]
Hij kwam uit de stad, met haast en plannen
Een westerling, gewend aan glas en steen
Hij dacht: hier is niks, alleen maar vlakte
En hij zag de lucht, maar zag de kleuren niet meteen

[Verse]
Hij reed langs Oethoezen, langs Spiek en Lains
Voorbij de kerk, de borg, de oude dijk
Hij zag de boer op het land, de koeien in de wei
En dacht: dit is toch zeker niet mijn land, niet mijn wijk

[Chorus]
Maar toen de zon zakte achter Roanum
En de horizon werd één met de lucht
Zag hij voor het eerst het land van de boeren
En heel even voelde hij zich thuis, heel even maar gerust

[Verse]
Hij zag de molens, de maren, de kerken
De boerenplaatsen van Waarvum tot Meij
Hij zag de haver, het koolzaad in bloei
En de regenboog na een donderbui, zo dichtbij

[Verse]
Hij had gedacht: hier is geen beweging
Geen leven, geen kleur, geen geluid
Maar hij hoorde de wind door de populieren
En zag de vonken van de zon op het land, heel even uit

[Chorus]
En toen de zon zakte achter Roanum
En de horizon werd één met de lucht
Zag hij voor het eerst het land van de boeren
En heel even voelde hij zich thuis, heel even maar gerust

[Verse]
Hij dacht aan de stad, aan de haast, aan de mensen
Aan de plannen die hij had, aan zijn eigen gelijk
Maar hier stond hij, op de dijk bij Westpolder
En hij zag de schoonheid van het eenvoudige land, zo wijd en zo rijk

[Outro]
Het was een mooie avond in mei
Een koe stond doeknekt in het groenland
Hij had voor het eerst geen haast meer
En voelde de wind van het land op zijn hand
De wilde plannen die hij had
Kwamen bijna niks meer van terecht
Totdat de nacht van het Groninger land
Een donker kleed over hem legt
En hij dacht: dit is misschien wel mijn land

Dit is misschien wel mijn land

Ik bun een Groninger van 't platteland,